24 april 2013

Wie aan het begin van zijn carrière een huis wil kopen, komt er niet meer met een gewone borgstelling van zijn ouders.

Ouders moeten steeds vaker voor 10 procent eigenaar worden van de woning die hun kind op het oog heeft, anders weigert de bank een hypothecaire lening. Maar daardoor worden mama en papa ook volledig mee verantwoordelijk voor de aflossing van de lening.

Als kinderen nog aan het begin van hun carrière staan, nog niet voldoende verdienen of geen stabiele baan hebben, nemen de banken steeds minder vrede met een gewone borgstelling door de ouders, zegt John Romain van de adviesketen Immotheker. De banken eisen steeds vaker dat de ouders voor minstens 10 procent mede-eigenaar worden van de woning en voor hetzelfde percentage ook de lening onderschrijven.

De wetgeving werd in 2010 verstrengd, bevestigt woordvoerster Monique Delvou van Belfius. Sindsdien is een borg slechts geldig als de betrokkene er zelf economisch belang bij heeft dat de aflossing vlekkeloos verloopt. Het volstaat dus niet meer dat iemand ‘vader of moeder van’ is om zich geldig borg te kunnen stellen, zegt ook de kleinere hypotheekbemiddelaar Eurofinco.

Bovendien kiezen de rechtbanken steeds vaker de kant van de jonge eigenaar als het misgaat met de aflossing. En dan kan de bank haar geld niet makkelijk opeisen of de woning verkopen. ‘De banken hebben een voorzorgsplicht’, bevestigt notaris Bart van Opstal, die gespecialiseerd is in hypothecaire kredieten.

Het gevolg is dat een groeiende groep mensen moeilijker aan een hypothecaire ­lening geraakt. ‘Zowat alle banken hebben hun kredietvoorwaarden sinds het ­uitbreken van de crisis stelselmatig verstrengd’, zegt Romain. ‘Vooral jonge twintigers die al een woning willen, voelen die verscherping van de kredietnormen.’

Minimum opgetrokken
De banken hebben onlangs ook het minimuminkomen opgetrokken waarover ontleners nog moeten beschikken, na aftrek van hun maandelijkse leninglast en andere vaste uitgaven voor elektriciteit, gas, water of alimentatie. Bovendien hebben ze leningen met een looptijd van meer dan 25 jaar uit de markt geprijsd en moet de kandidaat-eigenaar minstens 10 procent en vaker nog 20 procent van de aankoop zelf financieren.

Zo grijpen jonge mensen steeds meer naast een lening. Tenzij de ouders mee in het bad willen.

De banken beperken de inbreng van de ouders tot 10 procent omdat zo het fiscale voordeel van de lening voor de kinderen zoveel mogelijk intact blijft. Maar ondanks dat relatief beperkte percentage zijn de ouders wel volledig mee verantwoordelijk mocht het mislopen met de lening.

Als het inkomen van de kinderen na verloop van tijd voldoende gestegen is en/of voldoende stabiel is geworden, komt nog een aap uit de mouw. De ouders en de kinderen kunnen maar uit de onverdeeldheid stappen mits ze 2,5 procent van de waarde van de woning betalen aan de fiscus.

Bron:
Nieuwsblad.be


Twitter Facebook Google-plus

VRAAG NU UW SCHATTING!

Denkt u eraan uw woning of grond te verkopen, maar zou u graag eerst een idee hebben van de waarde? Vul dan het contactformulier in en onze vastgoedexpert zal vrijblijvend bij u langskomen voor een uitgebreide waardebepaling.

Contacteer mij voor schatting

Vragen?

Indien je een vraag hebt, klik dan op onderstaande knop. Dan kan je een formulier invullen waarna wij spoedig contact met je opnemen.

Stel je vraag