16 april 2015

De beschikbare ruimte wordt schaarser en vooral duurder. Daardoor is er een roep naar vernieuwende, plaatsbesparende woonvormen zoals co-housing, kangoeroewonen, gedeelde tuinen,… Maar liggen we als bouwende Vlaming al wakker van die oplossing of hoe denken we erover. We hielden de vinger aan de pols bij enkele sleutel-op-de-deurbouwers.

De ruimtelijke noden blijken haaks te staan op de verwachtingen van de doorsnee Vlaming. We moeten zuinig omspringen met open ruimte door kleiner te gaan wonen en zelfs te zoeken naar nieuwe woonoplossingen. “Maar uit recent onderzoek blijkt dat we blijven dromen van een vrijstaande woning met tuin,” stelt Youri Van Daele bij Sibomat. “Slechts 10% geeft aan te willen nadenken over een concept van cohousing in zijn strikte vorm. Anderzijds blijkt ongeveer 60 % van de Belgen tot op zekere hoogte bereid om te genieten van een gedeelte tuin. Voorwaarde is wel dat ze evenzeer blijven beschikken over een stuk private tuin. De voordelen zitten hem volgens de ondervraagden vooral in de mogelijkheid om tuinmateriaal te delen. Evenwel blijft het algemene beeld van mede-eigendom - zoals in de appartementensector - een bijzondere barrière.”

De conclusie van Youri Van Daele is dat de ingeschatte voordelen van nieuwe woonvormen op sociaal vlak nog niet opwegen tegen het nadeel om een stuk privacy op te offeren. “Nieuwe woonvormen vragen een cultuurverandering, en het zal volgens ons waarschijnlijk nog even duren vooraleer deze leefwijze meer gedragen wordt. Temeer omdat de perceptie die leeft dat co-housing een financieel meer haalbare kaart zou zijn, vooralsnog niet tot uiting komt in de gerealiseerde projecten. De aanwezigheid van gemeenschappelijke ruimtes (vb. gemeenschappelijke keuken) doet de kostprijs oplopen terwijl men dit finaal niet recupereert in de privatieve delen. Daar wenst men nog altijd eenzelfde individueel bouwprogramma als voorheen.”

Carl De Beule (Unicas) geeft aan dat het voor bouwbedrijven niet vanzelfsprekend is om kant-en-klare oplossingen uit te werken. “De vaag is immers heel specifiek en gaat uit van de noden van de bouwheer. Aangezien het een heel beperkte niche is, is het moeilijk algemene oplossingen uit te werken. Bij eventuele vragen zoeken we daarom naar een aanpak op meet met een gepersonaliseerd ontwerp.”

Privacy boven
Claudia Marchetta ziet bij Thuis Best een kleine opmars van tweewoonsten. “Daarbij wordt dan één woning betrokken door de ouders. Voor de rest is er nauwelijks vraag naar nieuwe woonoplossingen. Die zal er pas komen wanneer de huidige woonvormen waar privacy centraal staat onbetaalbaar worden. Zolang iedereen zich een eigen plek kan permitteren, zullen mensen blijven kiezen voor de oplossingen zonder gemeenschappelijke woonfunctie.” Een zelfde geluid bij BIK Woningen. “Tot hiertoe hebben we alleen enkele vragen gehad voor de bouw van kangoeroewoningen. Er is echt nog een mentaliteitswijziging nodig voordat we meer vragen mogen verwachten,” stelt Tatiana Fomenkova.

Ook Wim Demeyer bij Danneels ziet privacy als het grote struikelblok. “Als alternatief werken we aan compacte groepsverkavelingen. Daarmee creëren we een ‘wij’-gevoel. Vaak maken we daarin ook plaats voor een centraal gelegen groenruimte met eventueel speeltuigen voor de kinderen.” Wat volgens Danneels wel toekomst heeft is een mix van één- en meergezinswoningen binnen eenzelfde verkaveling. “Een kleinschalig appartementsgebouw dat op een goede manier wordt ingeplant, in combinatie met halfopen en gesloten bebouwing. Zo kunnen jonge gezinnen bijvoorbeeld budgetvriendelijk wonen in een flat en tegelijk maken ze toch deel uit van een verkaveling. Dat maakt bouwen ook weer compacter, met een nuttige invulling van de beschikbare ruimte en met respect voor de privacy.”

Oplossingen voor knelpunten
Bostoen blijkt één van de weinige bouwbedrijven te zijn die tegen de stroom in zwemmen. Christophe Van Bever licht toe: “Als innoverend bedrijf spelen we in op enkele van deze nieuwe woonvormen. Ze zijn het antwoord op enkele stedenbouwkundige knelpunten Vlaanderen: slimmer ruimtegebruik, rustige wijken, veilige speelruimtes, compacter bouwen en aandacht voor waterhuishouding. Concreet vertaalt zich dat in drie concepten:

  1. Natuurbuurt
    Volgens de studie Ruimte voor Morgen willen Vlamingen in duurzame wijken wonen. Bostoen bouwt daarom energievriendelijke woningen in autoluwe en kindvriendelijke dreven met het groen tot aan de voordeur. De milieu-impact van deze natuurbuurten is 58% lager in vergelijking met een gewone verkaveling. Er is tot 92% beter gebruik van de energie en 100% natuurlijke regenwaterverwerking. En als kers op de taart is er een vastgoedwaarde verhoging tot 15%.

  2. Cohousing
    Dit is naast passiefhuizen en natuurbuurten een bijkomende stap in het streven naar duurzame woonvormen. Onze cohousingprojecten bestaan uit 8 tot 34 volledig uitgeruste privéwoningen met privétuin en daarnaast een gemeenschappelijke tuin en een centraal gebouw waarin functies gedeeld worden. Het wordt door de bewoners zelf uitgetekend op maat van hun behoeftes en wensen. Als kers op de taart worden dingen die je weinig gebruikt – zoals een grasmachine of snoerloze boormachine - gemeenschappelijk aangekocht. In een centraal gebouw zijn verschillende deelfuncties mogelijk zoals een keuken met een grote eetruimte, een wassalon, een kinderspeelkamer, een coworkingspace, een muziekkamer, logeerkamers.

  3. Levenslang wonen
    Enkele van onze projecten zijn gericht op levenslang wonen. In deze projecten combineren we nieuwbouwwoningen en appartementen.”

Bron ATTB


Twitter Facebook Google-plus

VRAAG NU UW SCHATTING!

Denkt u eraan uw woning of grond te verkopen, maar zou u graag eerst een idee hebben van de waarde? Vul dan het contactformulier in en onze vastgoedexpert zal vrijblijvend bij u langskomen voor een uitgebreide waardebepaling.

Contacteer mij voor schatting

Vragen?

Indien je een vraag hebt, klik dan op onderstaande knop. Dan kan je een formulier invullen waarna wij spoedig contact met je opnemen.

Stel je vraag