27 juli 2012


Het is voor jongeren veel moeilijker een eigen woning te kopen in vergelijking met vroeger. Het feit dat twintigers minder snel een gunstige lening weten af te sluiten en dat woningprijzen in door jongeren gegeerde gebieden sterk zijn gestegen, zijn hiervan de belangrijkste oorzaken.

Even wat cijfers op een rijtje. Uit onderzoek van de Immotheker en de FOD blijkt dat de gemiddelde aankoopprijs van een woning bij starters (koppel) van 2007 naar 2011 gestegen is van 218 000 naar 246 000 euro. Dat is een stijging van maar liefst 12,6%. Uiteraard moet er ook gekeken worden naar het inkomen, aangezien woningprijzen vaak onderhevig zijn aan dezelfde index. Waar de prijzen stijgen, stijgen de lonen normaliter mee. Toch merken we dat het gemiddelde bruto inkomen tussen 2007 en 2011 slechts naar boven ging met 4,8% (van 3209 euro naar 3362 euro). Nochtans is het bedrag dat koppels bij aankoop van een woning zelf inbrengen ook behoorlijk gestegen (over 2007 en 2011 een stijging van 16,9%). Nu we in een economisch heikele situatie zitten vragen banken immers meer eigen inbreng dan vroeger om risico’s uit te sluiten.

Aangezien de gemiddelde aankoopprijs van een woning gestegen is met 12,6%, de eigen inbreng ook met 16,9% vermeerderd werd en het loon met slechts 4,8% steeg mag dus gerust gezegd worden dat woningen veel duurder zijn geworden, niet alleen in absolute maar ook in relatieve prijs.

Lage rentevoet, hoge prijsdruk
Die prijsstijging hebben we te danken aan verschillende factoren. Ten eerste is er de verlaging van de hypothecaire rentevoet. Wanneer mensen goedkoper kunnen lenen zullen ze ook sneller de stap zetten naar het aankopen van een eigen woning. Vooral oudere en meer kapitaalkrachtige mensen doen hiermee een goede zaak en jagen zo volgens het principe van vraag en aanbod de prijzen de hoogte in.
Een tweede reden is de stijgende prijsdruk op koopwoningen. Aangezien bouwgrond steeds duurder wordt wagen steeds minder mensen zich aan een nieuwbouwavontuur en verplaatsen ze zich naar de aankoopmarkt. Er zijn dus meer mensen voor minder huizen en ook hier is de prijsstijging weer een logisch gevolg van vraag en aanbod.

Voor jongeren komt die prijsstijging echter extra hard aan. De verhoogde prijsdruk speelt zich namelijk vooral af bij woningen van het lagere segment, de huizen waar twintigers dus hun zinnen op hebben gezet. Aangezien de prijzen van woningen ten opzichte van de lonen zo gestegen zijn en met de hete adem van de economische crisis in hun nek zullen meer mensen op veilig spelen door een woning te zoeken in de lagere segmenten, zelfs mensen die normaalgezien in een iets hogere prijsklasse hun gading zoeken.

Van vrijgevig naar voorzichtig
Bovendien is het voor twintigers vandaag de dag ontzettend moeilijk om een lening af te sluiten. Sinds de bankencrisis is men in de financiële sector uiterst voorzichtig en vooral minder vrijgevig geworden. Jonge mensen met nog maar enkele jaren arbeidsmarkt achter de kiezen zijn sowieso al een risicogroep, maar in het huidige economische klimaat worden hun dossiers nog eens extra herkauwd door banken vooraleer er een lening uit de bus kan vallen.
De enkelingen die een lening toegekend krijgen mogen zich dan ook nog eens voorbereiden op een beroepsleven lang afbetalen. Het is met de prijsstijgingen indachtig immers amper mogelijk een toereikende lening af te sluiten en deze op twintig jaar af te betalen, zoals vroeger gebruikelijk was. Het verlengen van de leningstermijn van 20 naar 30 jaar zou hiervoor soelaas moeten bieden, maar het feit dat je op deze manier bijna tot aan je pensioen zou moeten afbetalen schrikt wellicht veel jongeren af.

Alsof dat nog niet genoeg was doet ook de onduidelijkheid over de regionalisering van de fiscale aftrek van hypothecaire woonkredieten de situatie van de twintigers geen goed. Hoewel Vlaanderen het huidige systeem onverminderd zal behouden voor de lopende rekeningen, is het nog steeds niet zeker welke fiscale ondersteuning er zal zijn voor leningen die afgesloten worden na 2014, wellicht een situatie waarin de Vlaamse overheid snel meer informatie moet verschaffen om lenen voor jongeren nog enigszins aantrekkelijk te maken in de toekomst.

Jong geleend, fout gedaan?
Kortom: enkel jonge gezinnen waarbij beide partners hoogopgeleiden met een goedbetaalde job zijn maken nog een kans om op een relatief draaglijke manier een lening te kunnen aangaan en afbetalen. In harde cijfers wil dat zeggen dat jij en je partner maar beter een gezamenlijk maandinkomen van minstens 3500 euro netto kunnen hebben om zelfs maar in aanmerking te komen om op 30 jaar jullie huisje van 240 000 euro af te kunnen betalen. Reken dan wel dat je dan maandelijks zal moeten rondkomen met 2200 euro netto, want die hypotheek (1300 euro per maand) moet natuurlijk betaald.

Wie als twintiger bovenstaande informatie heeft verwerkt en merkt dat huurprijzen wél nog relatief laag liggen zou het kopen haast gaan uitstellen. Geen slecht idee, zegt ook Moneytalk directeur Danny Reweghs. “Op dit moment zijn de aankoopprijzen bijzonder hoog, maar ik verwacht niet dat ze nog zullen stijgen. Sterker nog: de kans is heel groot dat ze zullen dalen”, aldus Reweghs. “We moeten ons niet aan Spaanse toestanden verwachten, maar ook wij zitten nu eenmaal in een economisch moeilijke periode. Overheden zullen moeten besparen, eventueel door hogere belastingen of minder tussenkomsten en de werkloosheid zal stijgen wat de werkzekerheid doet dalen. Wie niet zeker is van zijn job zal ook niet staan springen om een huis te kopen, als hij al een lening zou kunnen aangaan tout court.” Volgens Reweghs is een daling van 10 à 15% dus goed mogelijk voor vastgoedprijzen.

Hij raadt jongeren dan ook aan te profiteren van de relatief lage huurprijzen en de aankoop van een eigen huis nog even uit te stellen, los van het feit dat een woning nog steeds een slimme investering is. “Je zal in ieder geval geen verlies maken als je nog even wacht met kopen. Vastgoed kopen heeft enkel zin wanneer er stabiliteit heerst en dat is op dit moment nog niet zo” zegt Reweghs.

Een doorstroomwoning in plaats van een droomwoning
Toch is er ook een zilver randje aan deze vastgoeddonderwolk. De meeneembaarheid van registratierechten maakt de woningmarkt heel wat aantrekkelijker, zegt Paul de Wael van Stadim. “Jongeren kunnen op deze manier klein beginnen met een instapwoning en later makkelijker overstappen op een groter huis. Vroeger betaalde je bij je eerste aankoop 12,5% registratierechten en wie daarna een ander huis kocht mocht weer eens 12,5% op tafel leggen. Dat is sinds tien jaar niet meer zo”, aldus de Wael. “Bovendien is het voor jongeren altijd al moeilijk geweest om een eerste woning te kopen en dat is vandaag niet anders. Het is echter helemaal geen onoverkomelijke hindernis.”

Ook John Romain van Immotheker vindt het verstandig dat jongeren nu alvast vrijblijvend ogen en oren openhouden. “Het is belangrijk om de markt goed te leren kennen en daar kan je beter vroeg dan laat mee beginnen”, aldus Romain. “Ga verschillende panden bekijken en vorm een realistisch beeld van wat er vandaag de dag te koop is voor welke prijs. Daarnaast is een waterdichte financiële planning waarbij je de totale woonlasten in rekening brengt onontbeerlijk. Laat je hiervoor desnoods bijstaan door een expert”, raadt Romain aan. Het belangrijkste, zeggen zowel Romain als de Wael, is compromissen kunnen sluiten. Wie als twintiger op de vastgoedmarkt komt moet niet denken dat ze een gigantische kant-en-klaar woning op een toplocatie kunnen aanschaffen. Stel je verwachtingen dus bij; begin klein en hou je droomhuis voor later.

De cijfers spreken voor zich: we hebben het niet makkelijk om als eind-de-twintiger een eigen stek te kopen, maar willen we eigenlijk wel zo snel huiseigenaar zijn? Het past alleszins helemaal niet in de huidige tendens van langer studeren, later op de arbeidsmarkt komen en later trouwen en aan kinderen beginnen. Immotheker noteerde een leeftijdsstijging voor koppels die hun eerste woning aankopen van 31 naar 34 jaar sinds 2007, bij singles zien we een verschuiving van van 34 naar 36 jaar. De vraag is of dit volledig te wijten is aan de hoge woningprijzen of dat het proces van vleugels uitslaan en uit het nest geduwd worden niet in zijn totaal enkele jaren is opgeschoven. (KS)

Bron:
http://ikgabouwen.knack.be/bouwen-renovatie/nieuws/jongeren-hebben-het-moeilijk-op-de-vastgoedmarkt/article-4000123413255.htm


Twitter Facebook Google-plus

VRAAG NU UW SCHATTING!

Denkt u eraan uw woning of grond te verkopen, maar zou u graag eerst een idee hebben van de waarde? Vul dan het contactformulier in en onze vastgoedexpert zal vrijblijvend bij u langskomen voor een uitgebreide waardebepaling.

Contacteer mij voor schatting

Vragen?

Indien je een vraag hebt, klik dan op onderstaande knop. Dan kan je een formulier invullen waarna wij spoedig contact met je opnemen.

Stel je vraag